terug

Nederland strijdt mee in de ‘Olympische Spelen voor fotografen’

Nederland doet voor het eerst mee aan de World Photographic Cup. “Een soort landenwedstrijd voor fotografen,” vertelt Willem van der Vlies, bestuurslid van DuPho, de beroepsorganisatie voor professionele fotografen en board-member van FEP, de Federation of European Photographers . Hij is tevens teamcaptain voor Nederland. Aan de wedstrijd doen 27 landen mee, waaronder achttien landen uit Europa, vijf uit Azie, de VS, Canada, Australië en Nieuw-Zeeland.


Elk land mag maximaal achttien foto’s aanleveren, verdeeld over zes categorieën: commercieel; illustratief en digital art, landschap en wildlife, reportage en fotojournalistiek, portret en huwelijk. Per categorie worden drie afbeeldingen aangeleverd. De foto’s worden door een internationale jury beoordeeld op impact, creativiteit, technische excellentie en compositie.
Waarom doet Nederland eigenlijk mee? “Het is de tweede keer dat deze wedstrijd wordt gehouden. Vorig jaar tijdens de Photokina in september kwam ik achter het bestaan van deze wedstrijd. Ik was onder de indruk van de resultaten. Ik vond het een gemiste kans dat we als land niet hadden deelgenomen. Met inzendingen van zo’n hoog niveau is het een uitgelezen kans om Nederlandse fotografen een internationaal podium te bieden.”

Voor 15 november moesten de inzendingen binnen zijn. Dat betekent dat in een korte tijd aansprekende foto’s moesten worden verzameld. “We hadden een korte voorbereidingstijd. Daarom hebben we als DuPho gericht fotografen aangeschreven die al eerder in de prijzen zijn gevallen, een boek hebben uitgegeven of een expositie hebben gedaan. Deelnemers aan de wedstrijd zijn mensen die zich al bewezen hebben in de Nederlandse fotografie. Het was dus niet een geheel open inzending, wij hebben gericht mensen uitgenodigd om werk in te zenden. Al konden ook niet aangeschreven fotografen werk insturen. De volgende keer zal meer tijd zijn om de uitnodiging te verbreden.”

De World Photographic Cup is bijzonder, omdat deelnemers niet alleen individueel om de titel strijden, maar ook als land. “In elke categorie worden drie medailles uitgereikt aan individuele kandidaten. Deze kandidaten mogen foto’s aanleveren voor meerdere categorieën, maar per categorie kunnen ze één keer deelnemen. Daarmee lijkt het op de Olympische Spelen. Daarnaast is er de strijd tussen de deelnemende landen. Iedere inzending krijgt punten. Die punten worden bij elkaar opgeteld en gedeeld over het aantal inzendingen van een land. Aan de hand van het gemiddelde wordt gekeken welke landen het best hebben gepresteerd. Zo heb je als klein land als Nederland of België evenveel kans als bijvoorbeeld de VS.”

Hoe schat Van der Vlies de kansen van Nederland in? “Dat is moeilijk te zeggen. Het is een internationale jury. De culturele waarden van de landen van herkomst van de juryleden spelen een rol. We hebben getracht beelden uit te kiezen die het internationaal ook goed zouden kunnen doen. Zo waren er veel mooie inzendingen die te Nederlands waren voor deze wedstrijd. In Japan en India hebben ze totaal geen  associatie met die beelden.” Toch is in sommige foto’s wel duidelijk een Nederlands tintje te ontdekken. “Een goed voorbeeld is de foto van Jacqueline Dersjant van een bruid die op het toilet zit. Op dat moment lopen twee wat ballerige mannen langs, een beetje gegeneerd door de situatie. Zo’n foto van een bruid op een toilet, dat zou in de VS echt niet kunnen. De foto werd al wel eerder door een internationale jury beloond.”

2 februari worden de tien finalisten per categorie bekendgemaakt. Eind februari volgt de aankondiging van de drie medaillekandidaten per categorie. De prijzen worden uitgereikt in Montpellier (Frankrijk) op 14 april. Meer informatie: www.worldphotographiccup.org.